5106

Drouwenerzand, provincie Drenthe

Het Drouwenerzand is een actief stuifzandgebied op de flank van de Hondsrug, waarin centraal een actieve stuifzandkern voorkomt. Het Drouwenerzand is ontstaan door overmatige begrazing van schapen en plaggenwinning in de 18e en 19e eeuw. Daarna is een uitgestrekte begroeiing ontstaan met jeneverbesstruwelen die nog steeds aanwezig is in het noordelijke en oostelijke gedeelte. Het stuifzand is in het begin van de 20ste eeuw gedeeltelijk beteugeld door bebossingen met grove den. De begroeiing van het heuvelachtige terrein bestaat in het oostelijke deel naast jeneverbes uit struikheide en grote oppervlakten kraaiheide, vochtige heide en oude eikenbossen. Het Drouwenerzand verschilt van andere Drentse stuifzandterreinen omdat het zand mineralenrijk is.

Hoofdpunten uit het advies

Uit de natuurdoelanalyse blijkt dat de natuur in het Drouwenerzand onder druk staat door de hoge stikstofdepositie, gebrek aan dynamiek en effecten van droogte. Dit is bijvoorbeeld te zien aan vergrassing en dichtgroeien van stuifzandgebieden door opslag van bomen en struiken. De stikstofdepositie in combinatie met droogte leidt tot verzuring en afname van de natuurkwaliteit bij onder meer habitattypen als Stuifzanden met struikhei.

In de afgelopen jaren is het gebied intensief beheerd en zijn er veel natuurherstelmaatregelen uitgevoerd. Het gaat bijvoorbeeld om begrazen, extra maaien, plaggen en het weghalen van opslag. De komende jaren blijven de beheerders dit soort maatregelen nemen. De Ecologische Autoriteit onderschrijft dat deze maatregelen een belangrijke bijdrage leveren aan het natuurbehoud. Geadviseerd wordt, waar mogelijk, beheer te intensiveren door onder meer andere vormen van begrazing, zoals een gescheperde kudde, maar ook toepassen van bekalken en teenmeel om verzuring tegen te gaan.

Tegelijk stelt de Ecologische Autoriteit dat de natuur met alleen beheer en lokale maatregelen voor natuurherstel niet duurzaam behouden kan blijven. Om verdere verslechtering te voorkomen is het nodig om snel de stikstofdepositie te verminderen, dynamiek te verhogen en om effecten van droogte tegen te gaan. Hiervoor zijn maatregelen binnen én buiten het Drouwenerzand nodig. Breng deze maatregelen in beeld en stel een overkoepelende strategie op voor het gebied. Deze kan helpen om de samenhang in het uit te voeren maatregelenpakket aan te geven, de urgentie van maatregelen duidelijk te maken en maatregelen te prioriteren, plannen en agenderen.

Samenstelling van de laatste werkgroep

dr. ir. Rense Haveman

Reinder Torenbeek

prof. dr. ir. Michiel Wallis de Vries

ing. Mark Zekhuis

voorzitter

dr. Jan Jacob van Dijk

werkgroepsecretaris

drs. Olaf van Velthuijsen

Projectinformatie

Betrokken overheden

Provincie Drenthe (voortouwnemer)

Overige betrokken partijen

Het Drents Landschap

Regio

Drenthe

Natura 2000-gebied

Drouwenerzand

Natuurtype

N05 Moerassen, N06 Voedselarme venen en vochtige heiden, N07 Droge heiden, N11 Droge schraalgraslanden, N15 Droge bossen, N16 Bossen met productiefunctie, N17 Cultuurhistorische bossen

Landschapstype

Droog zandlandschap

Laatste advies uitgebracht op

17 oktober 2024